Als freelancer bouw je elke dag aan je carrière. Jij bepaalt je opdrachten, je tarief én je toekomst. Maar wat als je morgen uitvalt door ziekte of een ongeval? Heb je dan een financieel vangnet?
Een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) klinkt misschien als niet urgent— tot het je onverwacht overkomt.
Het kan iedereen overkomen
Een burn-out. Een ongeluk onderweg naar een klus. Langdurige rugklachten. Het zijn situaties die je liever vermijdt, maar die je helaas niet volledig in de hand hebt. En als zzp’er ben je voor je inkomen op jezelf aangewezen.
Een AOV kan dan uitkomst bieden. Het zorgt voor doorbetaling van inkomen wanneer je (tijdelijk of langdurig) niet kunt werken. Dat geeft niet alleen financiële dekking, maar ook rust.
Geen verzekering is óók een optie — maar niet zonder risico
Sommige freelancers kiezen ervoor om geen AOV af te sluiten. Begrijpelijk, want de premies zijn niet gering. Toch brengt niets regelen risico’s met zich mee. Je vaste lasten blijven, terwijl je inkomsten stoppen. En de overheid biedt geen vangnet voor zelfstandigen die langdurig ziek zijn.
Een eigen spaarbuffer is een goede eerste stap, zeker voor kortdurende uitval. Maar als je maandenlang of zelfs jaren niet kunt werken, is zelf sparen vaak niet voldoende. Denk daarom goed na over wat bij jouw situatie past.
Welke opties heb je?
Er zijn meerdere manieren om je als zzp’er voor arbeidsongeschiktheid in te dekken:
1. Arbeidsongeschiktheidsverzekering via een verzekeraar
De meest uitgebreide en structurele optie. Je stelt zelf je dekking, looptijd en wachttijd in. Bekende aanbieders zijn:
– Centraal Beheer Achmea: biedt flexibele dekkingen die passen bij zzp’ers.
– Interpolis: werkt met modulaire oplossingen, o.a. via Rabobank.
– ASR: combineert verzekering met preventie en duurzame inzetbaarheid.
Vergelijk goed op premie, voorwaarden, en uitkeringsduur. Hoe eerder (‘jonger’) je instapt, hoe gunstiger de voorwaarden vaak zijn.
Daarnaast kun je vaak ook kiezen om bepaalde ‘wachttijd’ af te spreken. Dat betekent dat je de eerste maanden, bijvoorbeeld 3 maanden tot een jaar, geen beroep op de verzekering kan doen omdat je dit bijvoorbeeld financieel zelf kan dragen. Dat scheelt uiteraard premie en kan interessant zijn als er financieel solide voor staat.
2. Broodfonds
Een broodfonds is een collectieve voorziening waarin je samen met andere zelfstandigen elke maand geld opzij zet. Word je ziek, dan keren de andere leden jou een maandelijkse bijdrage uit (maximaal 2 jaar). Het is gebaseerd op vertrouwen en solidariteit.
Geschikt voor kortdurende uitval, maar minder voor langdurige arbeidsongeschiktheid.
3. Zelf sparen
Een eigen buffer opbouwen via een spaarrekening is een laagdrempelige manier om jezelf enigszins in te dekken. Handig voor de eerste maanden van uitval, maar niet altijd toereikend als je langdurig niet kunt werken. Toch is het een verstandige basis — en vaak een goede combinatie met een andere oplossing.
Regel het op tijd
Hoe eerder je iets regelt, hoe meer keuzevrijheid je hebt. Wacht je tot je al klachten hebt, dan wordt het lastiger (en duurder) om je te verzekeren. Door nu bewust te kiezen voor een passende oplossing, zorg je voor rust én continuïteit — ook als het even tegenzit.


